Levensverwachting

Ik had laatst met een vriend een interessant gesprek over onze verwachtingen bij een weinig in twijfel getrokken concept: levensverwachting.

Levensverwachting is denk ik een van de meest hardnekkige verwachtingen die we hebben. Iedereen wordt ermee opgevoed en iedereen kent via de ene of andere weg ook de gevolgen ervan.

Volgens Google is onze levensverwachting inmiddels al 81,10 jaar. Dat zijn dus aardig wat jaren om ongeschonden door te komen en dit worden er alleen maar meer. Maar waarom hechten we hier zoveel waarde aan?

We zijn allemaal bang. We zijn bang om iets te missen. En het niet voldoen aan je levensverwachting betekent voor velen denk ik het missen van een belangrijke hoeveelheid tijd en gebeurtenissen. Want wat als..?

Het niet voldoen aan de norm vinden we eng. We vergelijken onszelf als bijvoorbeeld 27-jarige met de norm van 81,10 jaar en zien een gapend gat. Een gat waarin nog zoveel mogelijk is en waar we nog zoveel vervulling kunnen vinden. En in deze vergelijking ontstaat, woede, angst en soms ook verdriet.

Niet alleen voor onszelf, maar ook voor anderen. We kunnen maandenlang woest en verdrietig zijn over het ‘onterecht’ plotseling overlijden van een goede vriend van 32 jaar. Hij had nog zoveel kunnen bereiken, nog zoveel kunnen zien. En dat is hem allemaal ontnomen. Maar is het hem ook echt ontnomen? 

De toekomst is niet van hem, jou of mij. De toekomst bestaat niet. Alles wat wel of niet had kunnen gebeuren, heeft geen echte waarde, omdat het ook geen bestaansrecht heeft. Onze vriend is er niet langer om deze toekomst nog te kunnen missen, alleen wijzelf.

Langer leven is niet beter

We hebben het vaak over ‘hij is veel te vroeg overleden’, maar ‘vroeg’ is relatief en ten opzichte van onze gemiddelde levensverwachting. Vroeg is een vergelijking met een norm zonder intrinsieke waarde. Want langer leven is niet beter (of slechter), alleen wanneer je er bepaalde verwachtingen bij hebt. De zin van het leven bestaat immers niet.

We hebben het al snel over onrechtvaardig en oneerlijk. Maar voor wie eigenlijk? Voor die persoon? Die is er niet meer om zich benadeeld te voelen. Dus zal het betrekking hebben op onszelf. Wij vinden het oneerlijk voor onszelf, want wij zullen die persoon moeten gaan missen.

En dat is lastig. Want iemand had een bepaalde impact, een bepaalde rol in je leven en nu is die impact weg. De weegschaal kan uit balans raken, omdat er inkomsten, enthousiasme, werkzaamheden of andere bijdragen zijn verdwenen. Je leunt altijd met een bepaalde mate op mensen in je omgeving en wanneer deze steun wegvalt, moet je je balans herpakken.

Maar zoals met alle verwachtingen, is het meest ongelukkige wat je voor jezelf kunt doen, het vasthouden eraan. Want het is eenmaal zo gebeurd. De feiten uit het verleden zijn onveranderlijk. Zolang je het verschil niet accepteert tussen wat er is gebeurd en wat had kunnen gebeuren, blijf je ongelukkig. Want illusies gaan je uiteindelijk niet verder helpen.

Dit neemt niet weg dat er een periode zal zijn waarin je om moet leren gaan met deze nieuwe balans. En ook dat is lastig. Je zal de gewichten opnieuw moeten verdelen, zowel praktisch als in je hoofd, om te komen tot een nieuw evenwicht. En we hebben dat allemaal in ons. Wanneer we ons proactief opstellen hebben we allemaal de kracht om gewichten te verplaatsen. Stap voor stap.

En zo kunnen we langzaam maar zeker de levensverwachting achter ons laten.

Nieuwe inspiratie

Schrijf je in en ontvang maandelijks de laatste teksten en gedichten van de man zonder jas :-)

Eén reactie op “Levensverwachting”

  1. Henny kramers schreef:

    Daan, als je vertrouwd bent met de teksten van Eckhart Tolle, dan is het zinloos om je druk te maken over levensverwachting, want gisteren is voorbij en morgen nog ver weg. Alleen het NU geldt en daar moet je het beste van maken en de meeste inhoud aan geven. En juist die inhoud zorgt ervoor, dat je na de dood van een vriend, geliefde of familie, hoe oud of jong ook, goed verder kunt leven zonder opstandigheid, boosheid of hopeloosheid. Je mag wel verdriet hebben, maar vanuit het besef dat niet jij, maar het leven zelf bepaalt wanneer het eindig is. Eigenlijk moet je zo leven dat je altijd klaar en bereid bent om te vertrekken. Oma